Huiverig

Schrijf maar eens een sappig stukje in de krant als je opgenomen bent in het ziekenhuis. Dat lukt me nooit, dacht ik. Een zeurende pijn in mijn geopereerde heup. Zo'n operatie maakt je helemaal zeurderig. Ik keek in de kamer om me heen. Het bed is aan de korte kant. Ik heb de neiging om er onbezonnen in te gaan liggen woelen, maar dat is me van medische kant ten strengste verboden. Na een heupoperatie wordt van je verlangd dat je als een houten Klaas tussen de lakens gaat liggen. Plat op je rug, met tussen je benen een soort driehoek van polyester. Dat ding weerhoudt me ervan om mijn lange lijf op een onbewaakt moment toch op mijn zij te kantelen. Dat zou het vakwerk van mijn chirurg in een handomdraai te niet kunnen doen. Zo lig ik daar, alsof ik een demonstratie geef in een museum voor martelwerktuigen. Mijn tenen priemen onder het laken door tegen het achterpaneel van het bed. Het voelt als een continu gekietel. Ik moet mij tot het uiterste inspannen om mijn bed zonder pijnscheuten te bestijgen en er weer af te komen. Ik heb ooit in de woestijn van Tunesië een weerbarstige dromedaris beklommen. Wat ik toen voelde, heb ik nu weer. Stuntelend het bed uit, het bed in. En dat met een vers geopereerde heup. Het vereist handigheid die mij helaas niet is aangeboren. Stijve harken blijven stijve harken, ook al geven ze een half maandsalaris aan fitness uit. Over salaris gesproken, het ziekenhuispersoneel zou ik sowieso een forse loonsverhoging willen geven. Dat verdienen ze. Het panoramisch uitzicht dat de kamer me biedt, beurt me letterlijk en figuurlijk op. Ik kijk op de Tielse binnenstad met het vertrouwde silhouet van twee kerktorens boven het groen. De Sint Maartenskerk wint het in lengte ruimschoots van de Dominicuskerk. Kerktorens zijn ooit zo hoog gebouwd om in de richting van de hemelpoort te kunnen reiken, zo wordt wel beweerd. Maar of dat zo is, ik krijg er geen hoogte van. Zelfs niet vanuit de vierde etage van het ziekenhuis. Opbeurend is ook de geste van het bestuur van de Tielse profronde, die zondag als een wervelwind door de straten van de Tielse binnenstad raast. Een geste in de vorm van een boeket met stralende zonnebloemen. Zou mijn toestand het toelaten om zondag aanwezig te kunnen zijn bij dit evenement dat me zo na aan het hart ligt? Mijn chirurg die mij met Zwitserse precisie van mijn krakkemikkige heup heeft afgeholpen, denkt van wel. Met twee krukken zal het wel gaan. Zelf ben ik huiveriger. Ik ga het wel proberen. Op heup van zegen.

Jan Beijer

(Reageren: jbeijer@upcmail.nl)