Ooievaars in Zoelen

ZOELEN Ongeveer vijftien jaar geleden is er bij boerderij de Huisgarden in Zoelen een ooievaarsnest geplaatst. Al die tijd is het bewoond geweest door verschillende ooievaars, die, op één jaar na, ook altijd jongen grootgebracht hebben. Samen met vrienden en met hulp van sponsors hebben de bewoners van de Huisgarden er steeds voor gezorgd, dat het nest goed bleef en de gegevens over aankomst ooievaars, broeden en het aantal jongen werden doorgegeven aan STORK (stichting ooievaar research en knowhow), die ook enkele jaren de jonge ooievaars van een ring met uniek nummer hebben voorzien. Dit is nodig om het (trek)gedrag te bestuderen. Voorbijgangers en buurtbewoners leven mee met deze prachtige vogels. Ze vragen of ze al broeden en hoeveel jongen ze hebben en wanneer deze uitvliegen.

Ook dit jaar was het nest weer aan onderhoud toe. Er is een steiger bijgeplaatst en takken en nestkoek zijn verwijderd zodat het nest niet te zwaar wordt. Een schoorpaal is vernieuwd. Zo kan het nest er weer een jaar tegen.

Toch is er ook begonnen met een nieuw nest te maken, dat komend jaar in gebruik wordt genomen. De nestpaal wordt zo uitgevoerd, dat hij gekanteld kan worden, waarna het nest vanaf de grond bereikbaar is voor onderhoud. Het gevaarlijke klusje met de steiger behoort dan tot het verleden. De paal voor het nieuwe nest is gratis ter beschikking gesteld door Frank Pouwer houthandel in Dodewaard.

Op 14 februari, op een zonnige dag met zuidenwind, meldde de eerste ooievaar,waarschijnlijk een mannetje, zich op het nest. Daarna was het wachten op de komst van een vrouwtje. Toch spannend of dat weer lukt, ook al ging het vijftien jaar goed. Maar op 3 maart was ze er. Al vanaf het begin is er een sterke binding met het nest. Er komen regelmatig vreemde ooievaars overvliegen. Sommigen proberen op het nest te landen, maar zij worden met luid geklepper begroet en bedenken zich dan. Meestal vliegen ze na enkele pogingen weer weg.

Als de eieren gelegd zijn wordt er beurtelings gebroed en na een aantal weken zie je aan het gedrag van de ouders dat de jongen zijn geboren. Pas na enkele weken zie je ze ook, meestal tijdens het voeren als ze naar boven reiken met hun snavel. Het aantal jongen is moeilijk vast te stellen. Daarvoor moeten ze tegelijk hun kop boven de nestrand uitsteken. Pas als ze flink groot zijn kan je ze vanaf de grond goed genoeg zien om het werkelijke aantal vast te stellen. Eind juli begin augustus beginnen ze met "vliegoefeningen" en nog wat later vliegen ze uit. Het moet voor de jonge vogels een hele belevenis zijn als ze plotseling in de wei staan, maar dat is niet te merken. Ze doen alsof ze er al jaren staan. Terugvliegen naar het nest gaat wel onwennig. Met aanvliegen missen ze vaak het nest en de uiteindelijke landing gaat onhandig. Al met al een koddig gezicht.

De bewoners van de Huisgarden willen graag, dat het nest er blijft en zij krijgen daarbij hulp van vrijwilligers en af en toe van een sponsor. Een goede samenwerking.