• Columnist Jan Beyer heeft zijn 200ste column voor de Stad Tiel geschreven.

    Raphael Drent

Bodem

Ik moet die Avri maar eens met rust laten in deze column, bedacht ik vorige week in een goedmoedige bui. Ik heb er genoeg over geschreven. Er zijn belangrijker dingen in de wereld. Het is er niet van gekomen. De vuilnisophaler heeft mijn pad toch weer weten te kruisen. Heeft toch weer inspiratie weten te leveren voor mijn stukje in de krant. Het gebeurde zondagmorgen. Ik opende de slaapkamergordijnen en zag hoe een dun sneeuwlaagje mijn voortuin had veranderd in een stukje onverwacht winters landschap. De sneeuw lokte mij naar buiten, lekker wandelen in die witte wereld. Wit? Of toch niet. Want wat lag daar onder die groene afvalbakken? Rode vlekken. Het leek wel of iemand alvast een kerstkonijn in de sneeuw had geslacht. Dichterbij gekomen ontdekte ik dat het volle hondenpoepzakjes waren, met wat ander afval (onder andere een cognacfles) er omheen. Vreemd. Welke hondenbezitter frutselt de poep van zijn viervoeter keurig in een zakje en mikt dat vervolgens niet in maar onder de bak in de sneeuw? Een langskomende man uit de buurt zag de vraagtekens op mijn voorhoofd en wist het raadsel op te lossen. Hij had er al ongerust over bij de Avri aan de bel getrokken. Die had hem laten weten dat er maar liefst 615 binnenbakken verwijderd waren met het oog op de jaarwisseling. Want stel je voor dat er rotjes of ander vuurwerk in gegooid worden. Door het binnenwerk weg te halen zijn het bakken zonder bodem geworden. Je kijkt er van boven af dwars doorheen. Alles wat je er in deponeert komt regelrecht op de grond terecht. Het lijkt wel een goocheltruc van Tommy Cooper of Hans Klok. De truc van de niet-verdwijnende hondenpoepzakjes. Zo levert de Avri zelf een merkwaardige bijdrage aan het probleem van het zwerfvuil. Mijn buurman had er een klacht over ingediend bij de Avri, die de bakken straks allemaal terug moet zetten en de troep op de grond, die er tot na Nieuwjaar blijft liggen, moet opruimen. Zo blijf je lekker bezig. Mijn buurman schudde het hoofd. De Avri was niet ondersteboven van zijn klacht. Hij kreeg een laconiek mailtje met de mededeling dat die klacht inmiddels afgehandeld was. Afgehandeld? Hoe zo afgehandeld? We liepen samen verbaasd huiswaarts. Onderweg kwamen we nog een paar bakken tegen met een rode staart. Het rijkelijk gevulde zakje hondenpoep was er half uitgezakt.

Ze bakken er weinig van, daar in Geldermalsen, bromde mijn buurman. Ik zei niks. Ik had me voorgenomen geen woorden meer aan de Avri vuil te maken.

Jan Beijer

(jbeijer@upcmail.nl)