• Columnist Jan Beyer heeft zijn 200ste column voor de Stad Tiel geschreven.

    Raphael Drent

Op de vlucht

Ik kan er geen touw meer aan vastknopen. Aan de drie beesten op die geïmproviseerde vlonder op het Hoogeinde in Tiel, bedoel ik. Gaan deze drie kruipende baby's, geïnspireerd op de vriendjes van Flipje, nu weg of blijven ze gewoon staan? Wie het weet mag het zeggen. Het stadsmanagement van Hart van Tiel wil ze een eindje opschuiven in de richting van de Waterstaat. Op de plek van het drietal zou dan een kunstwerk in de vorm van een glasmozaïek in corso-stijl moeten komen. Maar of dat doorgaat? Nogmaals: wie het weet mag het zeggen. In de lade van de verantwoordelijke wethouder ligt een pak handtekeningen van mensen die tegen de verplaatsing zijn. Zelf houdt hij liever een slag om de arm, zo bleek onlangs in een raadscommissie. Om de drie creaties van Guusje Kaayk te verplaatsen is volgens hem "volledig draagvlak" nodig. Is dat draagvlak er? Ook daar durf ik mijn hand niet voor in het vuur te steken. Vorige week werd ik gebeld door middenstanders, die vorig jaar mei al een plan hadden ingediend om bij de drie beesten een terras met bomen te plaatsen. De gemeente vond dat een passend idee en zou toen dan ook besloten hebben het pleintje voor het oude postkantoor op die manier in te richten. U ziet hoe voorzichtig ik ben. Er zou dit en er zou dat. Niets lijkt zeker in deze kwestie. Ook de financiering van het glasmozaïek niet. Als je de berichten volgt, kost dat ding kost de ene keer 65.000 euro en de andere keer anderhalve ton. In ieder geval een bom duiten, daar bestaat geen misverstand over. Het benodigde geld komt deels uit een regionaal potje, dat vooral bedoeld is om nieuwe banen te scheppen. Een potje waar de hele regio aan meebetaalt, drie euro per inwoner. In de gemeente Neder-Betuwe heeft de politiek vorige week op de rem getrapt. Het klopt niet om een kunstwerk uit dit banenpotje te betalen, aldus de kritiek uit onze buurgemeente. Intussen heb ik medelijden met de drie vriendjes. Ze staan daar te verkommeren tussen de modderige klimop en een slordig stuk kunstgrastapijt. Een triest tafereel. Niemand weet hoe lang ze er nog zo zielig bij moeten staan. Het zou mij niet verbazen als ze het teleurgesteld op een lopen zouden zetten. Weg van het politieke gekrakeel. Weg van die heisa om hen heen. Ik zie Bertje Big al luid knorrend de korte beentjes nemen, Piep de Muis er stiekem tussenuit piepen en Flapoor de Olifant zich stampend een vluchtweg door de Waterstraat banen. Weer een lege plek in het Tielse stadscentrum.

Jan Beijer

(reageren: jbeijer@upcmail.nl)